De grote doorbraak

1991 zal een klotejaar zijn geweest voor ontwikkelaars van arcadegames. Zit de markt in de lift, gaat alle aandacht naar Street Fighter II. En terecht natuurlijk. Het zal de nodige moeite gekost hebben, maar de knappe koppen van Capcom kraakten met deze iconische game de code voor een goede vechtgame.

Vroeger werd je niet zomaar gekroond tot de koning van de speelhal. In de oertijd van de arcadegame had je nog games als Space Invaders en Pac-Man die enorm tot de verbeelding spraken. De hype die deze games losmaakten zette een soort wapenwedloop in werking, wat tot klassiekers zou leiden als Donkey Kong, OutRun, Operation Wolf en Final Fight. Stuk voor stuk grote hits, maar niet van het kaliber van Street Fighter II: The World Warrior.

Een sleutelrol voor het succes van Street Fighter II was weggelegd voor Final Fight. Stadsgenoot SNK had eerder nog de makers van het originele Street Fighter weggekaapt bij Capcom, waardoor een ander team genoodzaakt was om Street Fighter 1989 te maken. Die hadden hier echter schijt aan en leverden uiteindelijk de iconische beat ‘em up Final Fight af. Je moet het maar durven, om met de centen van de baas een compleet andere game te maken.

Deze gewaagde zet pakte goed uit. Final Fight was een doorslaand succes en het team had nou ook de ervaring van het maken van een hit op zak. Men ging alsnog aan de slag met een vervolg op Street Fighter en het resultaat mocht er zijn. Acht zogenaamde World Warriors vliegen in deel twee de hele wereld over om elkaar tot pampus te slaan. De oerdegelijke Ryu en Ken zijn wederom van de partij, aangevuld met zes onvergetelijke archetypes.

Street Fighter II: The World Warrior

Wat te denken van Blanka, het beest van Brazilië? Of Dhalsim, de yoga fakir met zeer flexibele ledematen. Chun-Li heeft nog nooit een leg day overgeslagen, hoewel haar imposante dijen in het niet vallen bij de spieren van de Russische worstelaar Zangief. E. Honda is minstens net zo sterk, maar heeft als sumoworstelaar wel het nodige spek op de botten. En dan is er ook nog Guile, want een soldaat kan er altijd wel bij.

Tel hierbij vier intimiderende bazen op en je hebt een selectie personages die je al snel de originele vechters uit de vorige game doen vergeten. Eveneens vergeten is de unieke besturing van die game, want Street Fighter II standaardiseerde het gebruik van zes actieknoppen om mee te vechten. Deze layout is even overzichtelijk als diepgaand, zodat de vechtersbazen optimaal tot hun recht komen.

Een achttal vechters lijkt tegenwoordig misschien een beetje karig, maar in 1991 was het zeker een indrukwekkend aantal. Niet alleen was het een wezenlijke uitbreiding van speelbare personages ten opzichte van Street Fighter, maar de nieuwe gezichten brengen ook wezenlijk verschillende speelstijlen met zich mee. En het hielp natuurlijk ook dat iedereen er behoorlijk tof uitzag.

De visuele stijl van de game staat vanzelfsprekend een stuk dichter bij die van Final Fight dan bij het originele Street Fighter. Het nieuwe team had niet alleen hun eigen stijl, maar de technologie stond natuurlijk ook niet stil. Dankzij het krachtige Capcom Play System (CPS1) waar de game op draait hebben de vechters gedetailleerde outfits, gespierde lichamen en typische gezichtsuitdrukkingen.

Street Fighter II: The World Warrior

Een ander voordeel van de nieuwe hardware is dat de game zonder enige hapering speelt. Laten we eerlijk zijn, van die gare gevechten in Street Fighter werd niemand vrolijk. De besturing van Ryu en Ken werkte voor geen meter, terwijl de schokkerige animaties je elk moment een epileptische aanval konden bezorgen. Daar heb je in deel twee geen last van, want de besturing is even vloeiend als de framerate van de game.

Iets dat opvalt is dat de makers ook oog voor kleine details hadden. Zo wordt slowdown bijvoorbeeld gebruikt voor dramatisch effect. Geef je tegenstander een beuk die zo hard is dat ie duizelig wordt en je ziet ‘m langzaam tegen de grond gaan. Soms sla je iemand ook zo hard dat zijn of haar hele maaginhoud naar buiten komt gevlogen. Dat is een beetje goor, maar ik zou het niet anders willen.

Prachtig zijn ook de portretten van de vechters. Op het selectiescherm ziet iedereen er nog spik en span uit, maar hoe anders is dat wel niet direct na een gevecht? Terwijl je tegenstander je belerend toespreekt zie je er zelf uit alsof je met spoed naar de EHBO moet. Dit soort leedvermaak zou in de loop der jaren een beetje uit de serie slijten, maar het blijft geinig om het hier te zien.

Een andere eigenaardigheid is hoe je de game buiten de gevechten om kan versnellen door een knop ingedrukt te houden. Dit lijkt triviaal, maar het is een geniale manier om de spelers een gevoel van urgentie te laten houden. Snel weg met saaie schermen als punttelling of winquotes, ik wil doorvechten!

Street Fighter II: The World Warrior

Een belangrijker aspect van de game is de mogelijkheid om verwoestende combo’s te doen. Als we de verhalen mogen geloven dan zijn de bekende two-in-one combo’s een toevallig bijproduct van het animatiesysteem. Omdat een foutmarge gewenst was bij het uitvoeren van special moves kon je de eerste animatieframes van sommige aanvallen annuleren. Dit leidde tot combo’s, die het verloop van het hele vechtgenre zouden tekenen.

Combo’s waren zowel innovatief als vreselijk destructief. Omdat de game niet was ontworpen met deze in het achterhoofd doken er al snel zogenaamde touch of death combo’s op. Dit houdt in dat je na een dizzy je tegenstander makkelijk opnieuw dizzy kon maken met een combo. Als je in het echt niet afgetuigd wilde worden kon je dit beter niet al te vaak doen in de speelhal, maar dat was natuurlijk geen echte oplossing voor de matige balancering van de game.

Problematische combo’s zouden de Street Fighter II-games nog tot het einde van dagen achtervolgen, maar in The World Warrior kan ik er niet echt boos om worden. Capcom maakte de game met de beste bedoelingen en vergelijkbare games van deze complexiteit waren er toen niet. Met acht speelbare personages en vier bazen was het al een klein wonder dat de game zo goed uit de verf kwam.

Die vier bazen zijn hier trouwens nog niet speelbaar. Net zoals later met Mortal Kombat het geval was werkte dit geruchten in de hand dat je met specifieke codes alsnog de bazen kon gebruiken, maar dat waren slechts fabeltjes. Wel gaf dit Capcom alle reden om aan een lange reis vol iteratieve vervolgen te beginnen, wat het merk Street Fighter II op de lange termijn weinig goed deed.

Street Fighter II: The World Warrior

Maar goed, daar deed je in 1991 natuurlijk nog niet moeilijk over. Street Fighter II was zo’n daverend succes dat iedereen hier een slaatje probeerde uit te slaan. Imitators schoten als kool uit de grond en een jaar later kon je het ook exclusief op de Super NES van Nintendo spelen. Die versie kon audiovisueel echter niet tippen aan de brute graphics en geluiden die je in de speelhal aantrof.

Met name het geluid was flink gehavend in de thuisversie. Street Fighter II kon niet alleen leunen op leuke gevechten en een frisse presentatie, maar ook op een legendarische soundtrack. Wie kent de epische achtergrondmuziek van Guile bijvoorbeeld niet? Of het deuntje dat onlosmakelijk verbonden is aan het level van Ryu? Dit was het soort muziek dat je destijds alleen in de speelhal kon horen, wat de bezoekjes aan deze plaatsen van plezier des te memorabeler maakte.

De speelhallen zijn in de loop der jaren wellicht uit het straatbeeld verdwenen, maar de impact van The World Warrior is nog steeds merkbaar. Personages als Ryu, Ken, Chun-Li en Guile zijn omarmd door de popcultuur, terwijl ook de Street Fighter-reeks nog steeds actief is. Sony had er zelfs goed geld voor over om het vijfde deel exclusief aan hun Playstation 4 te koppelen.

Street Fighter II: The World Warrior

In tegenstelling tot Street Fighter kon Street Fighter II ook op een flink aantal heruitgaven rekenen. Zo kreeg de arcadeversie waardige ports op de Playstation en Sega Saturn, als naamgever van de Street Fighter II Collection. Maar ook nu nog wil het van geen wijken weten. Zo was er in het Playstation 2-tijdperk de Capcom Classics Collection en tref je het tegenwoordig aan in het imposante Street Fighter 30th Anniversary Collection.

Van cultureel fenomeen tot vast gezicht op ROM-collecties: de keerzijde van succes is dat je steevast wordt uitgemolken. En dat is meteen een mooie brug naar de latere varianten van Street Fighter II. Het succes van The World Warrior werkte verslavend voor Capcom, dat in een twijfelachtige spiraal van iteratieve vervolgen terecht kwam.

Dankzij al die vervolgen voelt The World Warrior tegenwoordig erg verouderd aan. De vechters hebben niet bijzonder veel aanvallen, de game speelt traag en gevechten kunnen in een flits voorbij zijn als je niet weet wat je doet. Veel reden om het anno nu nog te spelen is er dan ook niet, maar dat maakt de impact die het had in 1991 er niet minder om.

Street Fighter II: The World Warrior | Arcade | 1991

Street Fighter II: The World Warrior

Bron Screenshots: Street Fighter 30th Anniversary Collection

Advertenties

Geef een reactie

Vul je gegevens in of klik op een icoon om in te loggen.

WordPress.com logo

Je reageert onder je WordPress.com account. Log uit /  Bijwerken )

Google photo

Je reageert onder je Google account. Log uit /  Bijwerken )

Twitter-afbeelding

Je reageert onder je Twitter account. Log uit /  Bijwerken )

Facebook foto

Je reageert onder je Facebook account. Log uit /  Bijwerken )

Verbinden met %s