Spacen met speelgoed

Moni wilde weten waarom Victor zijn avond ruïneerde. Het was filmavond en Victor had weer iets uit het verleden opgevist. Moni was al op menig b-film van Lance Henriksen getrakteerd, maar vandaag stond er iets anders op het menu. Victor was in een nostalgische bui en kwam met Transformers The Movie aanzetten. Nee, niet die van Michael Bay. Het geanimeerde origineel uit 1986!

Grote robots die in allerlei voertuigen en wapens kunnen veranderen, zoiets spreekt een kind al snel aan. Bij Victor riep het nostalgische herinneringen op naar de vrijdagmiddagen waarop hij bij zijn opa en oma TV ging kijken. Zijn broertje Moni bestond toen nog niet eens en ondanks Victors beste pogingen lukte het hem nooit echt om zijn broertje te interesseren in deze fantasievolle animatiereeks.

“Heb jij eigenlijk wel Transformers?”
“Jawel hoor! Van die beestrobots. Daar was vroeger zo’n lelijke CGI tekenfilmserie van.”
“Ah ja, Beast Wars. Nee, dat is toch niet echt hetzelfde. Let dadelijk maar op als je Optimus Prime en Megatron ziet. Dat zijn nog eens iconen.”

Het was ondertussen meer dan 20 jaar geleden dat Victor de film gezien had. Het enige wat hij zich meende te herinneren was dat alle oude robots doodgingen en dat een monster planeten op kwam eten. Het bleek een verrassend accurate herinnering, want de film opende met een heftige scène waarin een planeet in zijn geheel wordt opgegeten door de metalen planeet Unicron. Tijd om bij te komen van deze apocalyptische gebeurtenis kreeg je als kijker niet, want het werd opgevolgd met een hair-rock versie van het Transformers themalied. Victor zag zichzelf niet als iemand die in de jaren tachtig was blijven hangen, maar de tsunami van nostalgie die hem overspoelde was groots. “Zo open je een film!

De film was een heuse aaneenschakeling van explosieve momenten. In de eerste helft neemt de film afscheid van het gros van de originele Transformers en vind op gewelddadige wijze wisseling van de wacht plaats. Optimus Prime en Megatron maakten plaats voor Hot Rod en Galvatron en hun vrienden. Opvallend was dat deze nieuwe robots er een stuk kleurrijker uitzagen, ongetwijfeld omdat de film zich in de verre toekomst van 2005 afspeelde.

Het is altijd mooi om met de kennis van het heden terug te kijken naar dit soort toekomstbeelden uit een ver verleden. Dat men er van uitging dat we in felgekleurde auto’s rond zouden rijden is nog tot daar aan toe, maar raketboards die dienen als een surfplank voor op het droge zijn vooralsnog nooit gerealiseerd. Ook leek niemand in 1986 draadloze communicatie tussen robots voorzien te hebben, iets dat Victor maar amusant vond: “deze robots kunnen veranderen in vliegtuigen en tanks, maar kunnen niet eens met elkaar communiceren zonder hun mond open te doen. Dat slaat nergens op.”

Gelukkig was het niet het soort film waar met een kritisch oog naar gekeken moest worden. Victor had zijn hersens grotendeels uitstaan tijdens het kijken en genoot van de hoogwaardige animatie en voice acting. Met name Leonard Nimoy en Lionel Stander leverden memorabele bijdrages als respectievelijk Galvatron en Kup, of “Puck” zoals Moni hem noemde. Diepe mannelijke stemmen die hun personages op geloofwaardige wijze een beetje karakter gaven.

Tegen het einde van de film barstten de Autobots nog uit in een bizarre dansscene op een afvalplaneet. Hoewel dansende robots veel vragen oproepen was het voor Victor bewijs van een onschuldigere tijd. Gedurende de film werd de ene robot na de andere opgeblazen, maar hier toonde ze toch nog over simpele gevoelens van blijdschap te beschikken. Moni dacht er anders over.

“Pfff, dit is achterlijk. Dansende robots op een afvalplaneet.”
“Het is misschien een beetje vergezocht, maar in de jaren 80 was iedereen into robots. Laat ze lekker dansen.”
“Het ziet er niet uit! Autobots kunnen nog slechter dansen dan jij.”

Victor beschouwde dat als een compliment. Hij zou het mooi vinden als er ooit een buitenaards ras onze planeet kwam bezoeken en dat deze wezens ook spontaan in dans uit zouden breken. Liever dat dan ze ons kwamen opeten in ieder geval. De kwaadaardige planeet Unicron leerde ook dat je beter geen robots op kan eten en verloor na deze wijze les zijn hoofd, dat nou ergens door de ruimte zweeft.

Voor iets dat voornamelijk een marketingvehikel moest voorstellen was Transformers nog een verdomd aangename film. Veel vermakelijker dan de moderne Transformers films. Ook Moni was aangenaam verrast en gaf toe dat de film oké was. Hij werd een beetje weemoedig naar zijn speelgoed en vroeg zich hardop af waar de toys gebleven waren. Net zoals Unicrons hoofd in de ruimte aan het zweven was lag zijn speelgoed ongetwijfeld ook ergens in een duistere leegte. Tenminste, dat mag je hopen. Het is al 2005 geweest, dus wellicht dat de speelgoedrobots op eigen initiatief de zolder al verlaten hebben.

[Transformers The Movie | Blu-Ray | Regio: 2]

Een reactie plaatsen

Opgeslagen onder Cinematiek!, Space Maand

Geef een reactie

Vul je gegevens in of klik op een icoon om in te loggen.

WordPress.com logo

Je reageert onder je WordPress.com account. Log uit / Bijwerken )

Twitter-afbeelding

Je reageert onder je Twitter account. Log uit / Bijwerken )

Facebook foto

Je reageert onder je Facebook account. Log uit / Bijwerken )

Google+ photo

Je reageert onder je Google+ account. Log uit / Bijwerken )

Verbinden met %s